Toepen, het bekende kaartspel

Toepen speel je altijd met vier personen. Iedere speler krijgt 4 kaarten. Bij iedere slag legt een speler een kaart op. Degene met de hoogste kaart wint de slag. Degene die de laatste slag van de vier wint, wint de ronde. Spelers die verliezen krijgen punten. Wie het laatste bij tien punten is, wint het spel.

 

Spel meter

Strategie  

Geluk  

Spelers 4

Mening
Geef jouw mening:

Benodigdheden

Weet je ook een spel?

Ook leuk

Voorbereiding

Bij toepen gebruik je alleen de kaarten boer, vrouw, heer, aas, 7, 8, 9, 10. De waarde van de kaarten neemt ook in deze volgorde toe: de boer is het laagst, de tien het hoogst. Deel de kaarten aan de vier spelers, vier kaarten per persoon.

De eerste ronde

Degene aan de linkerhand van de deler mag als eerste uit. Deze persoon legt een kaart naar keuze open voor zich op tafel. De andere personen leggen omdebeurt ook een kaart open op tafel, waarbij ze verplicht zijn 'kleur te bekennen', wat betekent dat je als je dat kunt hetzelfde teken (de 'kleur') als de uitgekomen kaart moet opleggen. Bijvoorbeeld: als de eerste persoon is uitgekomen met een schoppen kaart MOET je schoppen opleggen als je die hebt. Heb je die niet, dan mag je een andere kaart kiezen. Degene die de hoogste kaart op tafel heeft gelegd van dezelfde kleur als de kaart waar de slag mee is begonnen, heeft de slag gewonnen. Deze persoon mag nu als eerste een kaart opleggen voor de volgende slag. Degene die de vierde en laatste slag wint, wint de ronde. Het is dus zaak om lage kaarten in het begin van de ronde proberen kwijt te raken, en je hoge kaarten tot het laatst te bewaren (zie ook de strategietips)

Over puntentelling, toepen en bluffen

Degene die de laatste slag van de ronde haalt, krijgt GEEN punt. De overige spelers krijgen allemaal 1 punt. Het doel van het spel is om als laatste tot de tien punten te komen.

Toepen: Spelers kunnen echter ook toepen. Als je denkt dat je de de ronde (dus niet alleen de huidige slag) gaat winnen omdat je goede kaarten hebt, kan je 'toepen'. Dit doe je door op tafel te kloppen. Andere spelers kunnen nu kiezen of ze meegaan of passen. Als je past, krijg je 1 punt en doe je voor de rest van de ronde niet meer mee. Als je meegaat maar verliest, krijg je twee punten in plaats van 1. Als je denkt dat je gaat winnen kun je dus toepen om je medespelers meer punten te laten krijgen. Iedereen (die nog meespeelt) mag altijd toepen, dus ook als er al door een ander getoept is. Als iemand getoept heeft, en jij gaat mee, kun je dus (eventueel op een later moment in de ronde) ook toepen, waardoor het ineens om 3 punten gaat. Wordt er daarna weer getoept, dan gaat het om 4 punten, etc. Als iemand toept, en jij gaat mee, maar je past bij de tweede toep, dan krijg je 2 punten. Iemand die toept mag alleen niet over zichzelf heen toepen.

Bluffen: Als je toept hoef je niet echt betere kaarten te hebben: je kunt namelijk ook bluffen. Stel dat een medespeler als laatste kaart een harten 9 speelt. Dan kun jij bluffen dat je de harten 10 hebt door te toepen, ook al heb je die niet. De andere speler kan dan passen, waardoor jij met je lage kaart alsnog de ronde wint.

Vuile was

Een speciale regel treedt op als je slechte kaart gedeeld krijgt. Als je vier plaatjes of drie plaatjes en een zeven krijgt, heb je 'Vuile Was'. Je kan dan je kaarten gesloten op tafel leggen en roepen dat je vuile was hebt. Je krijgt dat vier nieuwe kaarten. Is dit weer vuile was, dan mag je ze weer ruilen.

Je hoeft echter niet echt vuile was te hebben: ook dit mag je namelijk bluffen. Je medespelers mogen ieder voor zich bepalen of ze de vuile was kijken of niet. Iemand die kijkt houdt wat hij ziet voor zich en wacht of iemand anders nog wil kijken. Heeft iedereen z'n keuze gemaakt, dan kan de waarheid onthult worden. Heeft degene met de vuile was daadwerkelijk vuile was, dan krijgt iedereen iedereen die heeft gekeken een punt. Heeft degene met de vuile was gebluft en wordt hij betrapt, dan krijgt hij zelf een punt, en moet hij toch spelen met de kaarten die hij heeft weggelegd.

Armoede en einde van het spel

Heeft een speler 9 punten en is hij dus 1 punt verwijderd van verlies van het spel, dan staat hij op 'Armoede'. Is dit het geval, dan kunnen de andere spelers kiezen of ze mee willen spelen ('kijken'), of passen. Wie past krijgt 1 punt. Wie meespeelt riskeert 2 punten bij verlies. Tijdens een armoede ronde mag niemand vuile was inleveren, en kan er niet getoept worden.

Als er twee of meer personen op armoede staan, en de overige spelers hebben gepast (zodat er dus alleen maar mensen met 9 punten spelen) dan treedt een aparte spelvariant in werking: Iedereen krijgt nog vier kaarten extra. De ronde wordt nu dus gespeeld met acht kaarten.

Verlies je de armoede, en heb je dus tien punten, dan verlies je het spel. Je kunt armoede ook overslaan door op bijvoorbeeld acht punten te staan en een toep te verliezen. De laatste speler die overblijft wint het spel.

Strategische tips

De volgende tips geven je wat houvast bij het spelen: