Het woordenboekspel – moeilijke woorden en grappige omschrijvingen!

Bij het Woordenboekspel is elke speler om de beurt “spelleider”. Als je spelleider bent moet je een woord uit het woordenboek zoeken, waarvan alle andere spelers een omschrijving moeten verzinnen. Een creatieve geest is erg belangrijk bij dit spel!

 

Voorbereiding

  • Zorg voor een woordenboek
  • Zorg dat elke speler pen en papier heeft
  • Bepaal van te voren hoeveel rondes je speelt. 1 ronde = iedereen 1x spelleider.

 

Spelregels Het Woordenboekspel

  • De jongste speler is als eerste spelleider en zoekt een woord uit het woordenboek. Hij moet een woord proberen te zoeken waarvan niemand de echte betekenis raadt. Hoe minder de spelers de echte betekenis raden, des te meer punten de spelleider krijgt.
  • De Spelleider leest vervolgens het woord voor
  • Alle andere spelers schrijven het woord op en daarachter een betekenis, die ze dus zelf verzinnen. Wees creatief, want als spelers straks jouw betekenis kiezen als de juiste, krijg jij punten.
  • Als iedereen een betekenis heeft opgeschreven gaan alle blaadjes naar de spelleider
  • De spelleider leest 1 voor 1 de betekenissen voor (met een stalen gezicht, laat niet blijken wat de juiste is)
  • Als de spelleider alles heeft voorgelezen, moet elke speler zeggen wat zij denken dat de juiste betekenis is.
  • Vervolgens worden de punten verdeeld:
    • De spelleider krijgt een punt voor elke speler die de echte betekenis niet heeft geraden
    • De overige spelers krijgen een punt voor elke speler die zijn/haar betekenis heeft gekozen als de juiste omschrijving.
    • De overige spelers krijgen ook een punt als de juiste omschrijving is gekozen
    • Hierna is de volgende speler spelleider. Er is een ronde voorbij als iedereen 1x spelleider is geweest.

 

Voorbeeld

Maarten, Bouke, Jos en Edgar spelen het Woordenboekspel. Bouke is eerst spelleider Bouke kiest het woord “Hellebaard” ; de juiste betekenis is: Strijdbijl aan lange steel

  • Maarten schrijft als omschrijving op: Oud-Hollands gezelsschappsspel
  • Jos schrijft als omschrijving op: Strijder uit de middeleeuwen
  • Edgar schrijf als omschrijving op: Een soort baard

Vervolgens leest Bouke alle 4 de omschrijvingen in willekeurige volgorde op en de spelers moeten een keuze maken:

  • Maarten kiest: Strijder uit de middeleeuwen
  • Jos kiest: Strijdbijl aan lange steel
  • Edgar kiest: Oud-Hollands gezelsschapsspel

Dit betekent dat de punten als volgt verdeeld zijn

  • Bouke krijgt 2 punten (2 spelers hebben niet de juiste betekenis gekozen)
  • Maarten krijgt 1 punt (Edgar heeft zijn omschrijving gekozen)
  • Jos krijgt 2 punt (Maarten heeft zijn omschrijving gekozen en hij heeft zelf de juiste betekenis gekozen)
  • Edgar krijgt 0 punten